• A
  • A
  • Export: hoger onderwijs

    - Geen onderwijsinstelling die niet zweert bij internationalisering. En toch trekken maar enkele hogescholen en universiteiten naar het buitenland om elders een campus op te richten. Wie zijn die academische wereldveroveraars?

    De Rijksuniversiteit Groningen wil naar China. De Stenden Hogeschool heeft campussen in Bangkok, Doha, het Zuid-Afrikaanse Port Alfred en op Bali. En ook Vlaanderen huist een universiteit die zich niet onbetuigd laat. Sinds 2014 heeft de Universiteit Gent een campus in Zuid-Korea: de Ghent University Global Campus.

    In 2000 was er nog niets. Zeventien jaar en miljoenen tonnen zand, beton en glas later nadert het via landaanwinning gebouwde Songdo International Business District zijn voltooiing, inmiddels voorzien in 2020. Men noemt het een slimme stad, gelegen op 65 kilometer ten zuidwesten van hoofdstad Seoel. Naar verluidt zijn er in totaal slechts zeven werknemers nodig voor de afvalverwerking. In die hypermoderne, bijna sciencefiction-achtige omgeving mocht de Gentse universiteit een buitenlandse vestiging openen op de internationale campus, waar het de buurman is van de Amerikaanse State University of New York, George Mason University en University of Utah.

    Dat gebeurde in september 2014. De Oost-Vlamingen bieden er sindsdien drie vierjarige bachelors aan: moleculaire biotechnologie, voedings- en milieutechnologie. De allereerste lichting gediplomeerden met een in Zuid-Korea behaald Gents bachelordiploma is met andere woorden aan zijn laatste jaar bezig, al valt de oogst wat tegen. Slechts vijf studenten zijn nog op koers om het uitgestippelde modeltraject na dit academiejaar succesvol af te ronden.

    Aan de basis van die lage doorstroomcijfers ligt een gebrekkige selectie in het startjaar. “Het Koreaanse team dat we onder de arm hadden genomen, heeft geprobeerd om vooral véél studenten te rekruteren”, zo stelde beleidsmedewerker Thomas Buerman in 2016 aan het Gentse universiteitsblad Durf denken. “Een prestigieus Europees diploma, dat zagen ze wel zitten, maar dat het om moeilijke biotechnologie-opleidingen ging met veel wiskunde – dat besef was niet tot iedereen doorgedrongen.”

    Leren uit verleden

    Dat moet even slikken zijn geweest voor de stad waar Leie en Schelde samenkomen. Eerdere pogingen van andere Vlaamse hogeronderwijsintellingen om elders een campus op te richten, zijn immers met een sisser afgelopen. De Vlaams-Brusselse EHSAL-hogeschool, tegenwoordig deel van Odisee, begon in 2005 een MBA-opleiding in Dubai, maar hield er na enkele jaren mee op. Ook de buitenlandse ambities van Vlerick Business School stierven een stille dood. In 2007 opende de campus in Sint-Petersburg – MBA-opleidingen voor Russische managers – in 2016 ging die alweer dicht.

    In een interview met de Vlaamse krant De Tijd blikte Vlerick-decaan Marion Debruyne terug op dat Russische avontuur. “Af en toe moet je durven vaststellen dat iets niet werkt. Elke ondernemer of bedrijfsleider zal erkennen dat dit de moeilijkste beslissingen zijn. Maar de roebel devalueert en het aantal studenten voor de Executive MBA-opleiding liep zodanig terug dat het zinvoller was die mensen naar Brussel te halen.” Ter illustratie: tijdens het laatste jaar in Rusland waren er nog maar veertien studenten ingeschreven.

    Debruyne gaf ook aan meer heil te zien in internationale relaties dan in een letterlijke poot aan buitenlandse grond. “In een wereld die globaliseert moeten we veel meer denken in ecosystemen en niet in bakstenen. Ik geloof eerder in samenwerking dan in expansie.”

    “Wij hebben ons dan ook geïnformeerd bij de mensen van Vlerick”, zegt Guido Van Huylenbroeck, Academisch Directeur Internationalisering van de Universiteit Gent, aan Scienceguide. Volgens hem hoeft het een het ander niet uit te sluiten. “Dit was gewoon een uitgelezen mogelijkheid die we niet konden laten liggen." 

    Break-even

    Intussen gaat het al weer wat beter met de slaagcijfers, weet Van Huylenbroeck. “Vandaag zijn ze al opgekrikt tot vijftig à zestig procent. Dat komt onder meer door de invoering van een oriënteringsproef. Die is niet-bindend, maar doet de studenten wel twee keer nadenken alvorens zij zich inschrijven.” De studenten betalen immers de volledige studiekost als collegegeld: 15.000 euro per academiejaar. “Onze doelstelling is een slaagpercentage van 75 procent”, aldus Van Huylenbroeck.

    De doorstroming is dan ook een belangrijke voorwaarde voor een duurzame financiering van het Gentse onderwijs en onderzoek in Zuid-Korea. Tot 2018 is de werking verzekerd door Zuid-Koreaanse overheidssubsidies, maar daarna zullen de Gentenaren op eigen benen moeten staan. Opdat de Zuid-Koreaanse campus geen molensteen wordt, is een gestage groei aan studenten een noodzaak. 

    De plaatselijke bevolkingsstatistieken zijn Van Huylenbroeck wat dat betreft niet welgezind. De Zuid-Koreanen vergrijzen en het geboortecijfer bedraagt slechts 1,25. Sibrand Poppema, collegevoorzitter van de Rijksuniversiteit Groningen, stond dan ook sceptisch tegenover een Zuid-Koreaans avontuur. “We hadden al rondgekeken in Korea, waar onze vrienden uit Gent ook een vestiging hebben. Maar de situatie daar leek ons niet gunstig. De studentenaantallen nemen er af en de concurrentie is groot”, zo zei Poppema aan Transfer. Uiteindelijk zou de Groningse universiteit voor het Chinese Yantai kiezen.

    “Poppema’s uitspraak zou kloppen als wij ons enkel op Zuid-Koreaanse studenten zouden richten”, zegt Van Huylenbroeck. “Dat is niet het geval. Neem nu de vijf laatstejaars: Een student komt uit Thailand en een andere is geboren in Canada. In de toekomst moeten we ons dan ook nog meer bezighouden met internationale rekrutering. Dan denk ik aan landen als Vietnam, Indonesië, Maleisië en natuurlijk China. China heeft net onze bachelordiploma’s als gelijkwaardig erkend. Vanaf volgend academiejaar hopen we daar de eerste vruchten van te plukken.”

    Om volledig kostenneutraal te worden, heeft de Universiteit Gent jaarlijks zo’n 125 instromende studenten nodig, weet Van Huylenbroeck. “Ik heb er goeie hoop op dat we binnenkort break-even kunnen draaien. De studentenaantallen stijgen alleszins. Dit jaar zijn er 76 nieuwe eerstejaars op een totaal van 175 studenten. Bovendien zijn er reeds een 25-tal PhD-studenten aan de slag. We zijn op de goede weg.”

    Regelgevend vacuüm

    Terwijl de buitenlandse activiteit van universiteiten en hogescholen stilletjes aan in het vizier van de Nederlandse Tweede Kamer en regering komt, is diezelfde materie een blinde vlek in het oog van de Vlaamse decreetgever. Zonder mitsen of maren: een Vlaams wettelijk kader ontbreekt op dit moment quasi volkomen. De enige regel is dat er, net zoals in Nederland, geen Vlaams overheidsgeld mag gebruikt worden voor de buitenlandse expansie. 

    “Het is natuurlijk makkelijker als iets niet gereglementeerd is’” zo geeft Van Huylenbroeck toe. “Concreet hebben wij een afzonderlijke rechtspersoon opgericht, een vereniging zonder winstoogmerk (vzw, het Belgische equivalent van een stichting, red.) naar Zuid-Koreaans recht. Dat gebeurde overigens met toestemming van de Vlaamse overheid.”

    Op die manier is de Vlaamse onderwijswetgeving niet van toepassing op de Vlaamse Zuid-Koreaanse campus. Dat het Nederlands de bestuurstaal moet zijn, geldt er bijvoorbeeld niet. Evenmin zijn de strenge Vlaamse taalregels van toepassing, zodat de doceertaal ongelimiteerd Engels kan zijn, zonder gevolgen voor de moederuniversiteit. “Let wel: onze opleidingen zijn wel geaccrediteerd door de NVAO”, vult Van Huylenbroeck aan. “De kwaliteitsmonitoring ervan gebeurt volledig volgens het Vlaamse decretale kader, want we willen dat de uitgereikte diploma’s in Zuid-Korea volledig gelijkwaardig zijn aan onze Vlaamse.”

    IJzig kalm

    En de Universiteit Gent zit niet stil. De plannen om ook een Zuid-Koreaanse master aan te bieden, worden stilaan concreet. “In 2019-2020 moet die van start gaan”, zegt Van Huylenbroeck. “We werken nu aan het financiële plaatje en zijn het dossier voor de accreditatie volop aan het voorbereiden. Voor de huidige studenten ligt de weg naar Gent natuurlijk open. Vier van de vijf laatstejaars willen alleszins bij ons of elders hun master behalen.” 

    Rest er nog één vraag: boezemt de explosieve relatie met noorderbuur Noord-Korea geen angst in? “Ach”, minimaliseert Van Huylenbroeck de urgentie, “Wij maken ons veel meer zorgen dan de Zuid-Koreanen zelf. Ze zijn daar blijkbaar al het een en ander gewoon. Al hoop ik wel dat het onze kansen op rekrutering in de buurlanden niet hypothekeert.”

    Door Ruben Claesen.